alupas.eu

Geldt het digitaal productpaspoort voor mijn aluminium?

Nog geen directe verplichting, wel al in het vizier

Het digitaal productpaspoort geldt op dit moment nog niet voor aluminium halffabricaten. Er is namelijk nog geen specifieke regeling gepubliceerd die profielen, gietstukken of verpakkingsaluminium concreet verplicht tot een paspoort. De ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) is een kaderverordening: die legt vast wát een digitaal productpaspoort is en hoe het werkt (artikel 9), maar de daadwerkelijke verplichting ontstaat pas per productgroep, zodra de Europese Commissie daarvoor een aparte gedelegeerde handeling vaststelt. Voor aluminium staat dat nog op de planning, maar is nog niet vastgesteld. Dat betekent niet dat het onderwerp niet relevant is — de kans is groot dat aluminium op een gegeven moment aan de beurt is — maar wel dat er vandaag geen wettelijke plicht bestaat.

Voor profielen, gieterijen en verpakkingsaluminium: wat straks wel, wat nog niet

Artikel 1 van de ESPR omschrijft het toepassingsgebied breed: het gaat om fysieke producten die in de Europese Unie op de markt worden gebracht of in gebruik worden genomen. Aluminium halffabricaten — profielen voor de bouw, gietstukken voor machines of voertuigen, verpakkingsmateriaal — vallen binnen die brede omschrijving. Er is in dat artikel geen uitzondering te vinden die aluminium als materiaal buiten schot zet.

Maar "binnen het toepassingsgebied vallen" is niet hetzelfde als "nu al verplicht zijn". De verordening werkt met een systeem waarbij de concrete eisen — waaronder de paspoortplicht — per productgroep worden uitgewerkt in een gedelegeerde handeling (artikel 9). Zolang zo'n handeling er voor een productgroep niet is, ontstaat er voor die groep geen verplichting, ook al valt het product wel binnen de reikwijdte van de verordening zelf.

Het onderscheid zit dus niet zozeer in het materiaal aluminium, maar in de vraag of er al een gedelegeerde handeling ligt voor de productgroep waarin dat aluminium wordt verwerkt of verhandeld. Voor sommige productgroepen — bijvoorbeeld batterijen — is die stap al gezet. Voor aluminium halffabricaten nog niet.

De datum staat nog niet vast

Er is geen vaste datum waarop aluminium onder de paspoortplicht valt. Het werkplan van de Europese Commissie voor de periode 2025-2030 noemt een gedelegeerde handeling voor metalen die naar verwachting in 2027 wordt vastgesteld. Pas na publicatie van die handeling staat vast per wanneer aluminium halffabricaten daadwerkelijk een digitaal paspoort moeten krijgen — en wat er dan precies in dat paspoort moet staan.

Alupas.eu houdt in zijn planning rekening met een moment rond 2029, op basis van de gebruikelijke tijd tussen het vaststellen van een gedelegeerde handeling en het moment waarop bedrijven er daadwerkelijk aan moeten voldoen. Dat is een inschatting, geen vaststaande datum. Tot de gedelegeerde handeling er daadwerkelijk is, geldt er voor aluminium geen paspoortplicht, en zodra die handeling gepubliceerd wordt, wordt deze pagina bijgewerkt met de concrete datum.

Drie dingen die nu al te doen zijn

Wie in de aluminiumketen zit — als producent, importeur of verwerker — kan zich op dit moment al voorbereiden zonder op de verplichting te hoeven wachten.

Eerst is het zinvol om in kaart te brengen in welke eindproducten het eigen aluminium terechtkomt. Bouwprofielen, verpakkingen en auto-onderdelen kunnen namelijk via verschillende gedelegeerde handelingen en op verschillende momenten aan de beurt komen, ook al gaat het steeds om hetzelfde materiaal.

Daarna helpt het om het werkplan van de Commissie en de publicatie van gedelegeerde handelingen te blijven volgen, specifiek voor de categorie metalen of aluminium. Zodra een handeling verschijnt, staat daarin ook welke gegevens straks in het paspoort moeten komen.

Tot slot loont het om vast te beginnen met het ordenen van de gegevens die in een toekomstig paspoort vermoedelijk terugkomen: samenstelling, herkomst van de grondstof, recyclingpercentage en fabricageproces. Wie die informatie al gestructureerd heeft liggen, hoeft niet vanaf nul te beginnen zodra de verplichting er wél is.

Waar dat staat: artikel 1 en artikel 9 ESPR

Artikel 1 van de ESPR omschrijft het onderwerp en het toepassingsgebied van de verordening: fysieke producten die op de EU-markt worden gebracht of in gebruik worden genomen. Artikel 9 beschrijft wat een digitaal productpaspoort inhoudt en bepaalt dat de verplichting daartoe per productgroep wordt ingevoerd via een gedelegeerde handeling. Samen leggen deze twee artikelen vast dat aluminium halffabricaten weliswaar onder het bereik van de verordening kunnen vallen, maar dat de daadwerkelijke paspoortplicht pas ontstaat zodra er voor die specifieke productgroep een gedelegeerde handeling is vastgesteld en gepubliceerd.

Wie wil nagaan hoe dit zich verder ontwikkelt, kan het werkplan van de Europese Commissie en de gepubliceerde gedelegeerde handelingen bij de ESPR raadplegen op EUR-Lex. Zodra er een handeling voor aluminium of metalen verschijnt, wordt deze pagina bijgewerkt met de concrete datum en de precieze eisen.

Waar dit op gebaseerd is

De verordening zelf staat op EUR-Lex. Wij verwijzen per bewering; u hoeft ons niet te geloven.

Wat u concreet moet doen

Wat er van u wordt verwacht

De ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) is een kaderverordening. Dat betekent dat artikel 1 het toepassingsgebied breed neerzet — bijna alle fysieke producten kunnen er in principe onder vallen — maar dat de verordening zelf nog niet zegt welk product wanneer aan de beurt is. Die invulling komt per productgroep in een gedelegeerde handeling. Voor aluminium halffabricaten is die handeling er nog niet. Wat er op dit moment van een bedrijf wordt verwacht, valt daarom in twee delen uiteen: wat de wet in algemene zin voorschrijft, en wat er praktisch te doen is zolang de productspecifieke regels nog ontbreken.

Weten of uw product onder het toepassingsgebied valt

Artikel 1 van de ESPR omschrijft welke productcategorieën in aanmerking komen voor eisen op het gebied van ecologisch ontwerp, en daarmee ook voor een digitaal productpaspoort. Voor een bedrijf van 10 tot 100 medewerkers betekent dit vooral: nagaan of het eigen product — profiel, gietstuk, verpakkingshalffabricaat — past binnen de omschrijving die de verordening en de latere gedelegeerde handeling gebruiken. Dat is geen juridische exercitie op zichzelf, maar een kwestie van de eigen productcatalogus naast de tekst leggen. Een goed vertrekpunt is de vraag welke producten van de aluminiumsector vallen onder de ESPR, omdat daar per productgroep wordt uitgelegd hoe breed of smal de afbakening in de praktijk uitpakt.

Begrijpen dat het paspoort pas verplicht wordt via een gedelegeerde handeling

Artikel 9 van de ESPR beschrijft wat een digitaal productpaspoort inhoudt en aan welke voorwaarden het moet voldoen, maar de verplichting om er daadwerkelijk een te hebben ontstaat pas op het moment dat de Europese Commissie voor de eigen productgroep een gedelegeerde handeling vaststelt. Voor bedrijven betekent dit dat er nu geen wettelijke verplichting is om al een paspoort te voeren, maar wel een groeiende kans dat die verplichting binnen de eigen sector wordt ingevoerd. Wat een gedelegeerde handeling precies is en waarom die bepaalt wat er van een fabrikant wordt gevraagd, staat uitgewerkt op de pagina wat is een gedelegeerde handeling en waarom bepaalt die wat ik moet doen.

Onderscheid maken tussen halffabricaat en eindproduct

Veel aluminiumbedrijven leveren geen eindproduct aan de consument, maar een profiel, plaat of gietstuk dat verderop in de keten wordt verwerkt. De vraag of het paspoort al bij het halffabricaat moet horen, of pas bij het eindproduct waarin het wordt verwerkt, is relevant voor de eigen positie in de keten en voor wie welke gegevens aanlevert. Dit onderscheid wordt behandeld op de pagina over of er al een productpaspoort moet zijn als het aluminium nog een halffabricaat is.

Nagaan of de omvang van het bedrijf iets verandert aan de verplichting

Er bestaat bij kleinere bedrijven soms de aanname dat een Europese verplichting als deze alleen voor grote industriële spelers geldt. Of en in hoeverre bedrijfsgrootte een rol speelt, verschilt per regeling en per uitzondering die in een gedelegeerde handeling kan worden opgenomen. Dat wordt nader toegelicht op de pagina of het productpaspoort ook voor kleine bedrijven geldt.

Waar het misgaat in de praktijk

Een aantal patronen komt steeds terug bij bedrijven die zich voor het eerst in dit onderwerp verdiepen.

Aanname dat "aluminium" één categorie is. Een producent van profielen en een producent van verpakkingsfolie kijken naar dezelfde grondstof, maar vallen mogelijk onder verschillende gedelegeerde handelingen met verschillende tijdlijnen. Wie zich baseert op nieuws over "aluminium en het productpaspoort" zonder te kijken naar de eigen productgroep, trekt te snel een conclusie.

Verwarren van de kaderverordening met de uitvoeringsregels. Artikel 1 en artikel 9 van de ESPR zeggen wat er ooit kan gaan gelden, niet wat er nu al geldt. Bedrijven die de verordening lezen als een directe verplichting, lopen voor de muziek uit of maken onnodig kosten voor een systeem dat nog moet worden afgestemd op de definitieve eisen.

Geen onderscheid maken tussen primair en secundair aluminium. De herkomst van het materiaal kan gevolgen hebben voor welke gegevens relevant zijn in een paspoort, en mogelijk voor de manier waarop een product wordt beoordeeld. Dit speelt een rol bij de vraag of het verschil tussen primair en secundair aluminium van belang is voor de eigen productlijn.

Onduidelijkheid over reserveonderdelen en reparatieonderdelen. Een bedrijf dat losse onderdelen levert voor reparatie of onderhoud, gaat er soms van uit dat dit buiten elke regeling valt omdat het geen nieuw eindproduct is. Of dat klopt, hangt af van hoe de gedelegeerde handeling voor de betreffende productgroep dit invult; zie de toelichting over losse aluminium reserveonderdelen.

Te lang wachten met intern overzicht. Sommige bedrijven stellen elke voorbereiding uit tot de datum vaststaat, en ontdekken dan dat de eigen gegevens over samenstelling, herkomst en bewerking niet centraal zijn vastgelegd. Dat overzicht is onafhankelijk van de exacte verplichtingsdatum al nuttig om te hebben.

Wat u kunt vastleggen

Ook zonder dat de gedelegeerde handeling er al is, is er een aantal zaken dat een bedrijf nu al ordent en die later vrijwel zeker relevant blijken:

  • Een overzicht van de eigen productgroepen, gekoppeld aan de omschrijvingen uit artikel 1 van de ESPR, zodat duidelijk is welk deel van het assortiment mogelijk onder toekomstige regels valt.
  • Documentatie over de herkomst van het materiaal — primair, secundair, of een mix — per productlijn.
  • Een lijst van de gegevens die nu al beschikbaar zijn over samenstelling, bewerking en herkomst, als basis voor wat er straks in een paspoort moet komen. Een aanzet daarvoor staat op de pagina over welke gegevens er in het productpaspoort van aluminium komen.
  • Een interne notitie over de positie van het eigen bedrijf in de keten: levert het bedrijf een halffabricaat, een onderdeel, of een eindproduct, en wie is daardoor waarschijnlijk verantwoordelijk voor het paspoort.
  • Afspraken met toeleveranciers over het delen van materiaalgegevens, zodat die niet pas onder tijdsdruk moeten worden opgevraagd zodra een verplichting concreet wordt.

Dit is geen juridisch advies. Deze pagina geeft algemene informatie over de regelgeving waar dit platform over gaat. Wij kennen uw situatie niet. Bij twijfel over uw eigen geval raadpleegt u een jurist of de bevoegde toezichthouder.

Geschreven met AI op basis van de bronnen hierboven, gecontroleerd door een mens op 2026-08-22. Klopt er iets niet? Laat het weten — correcties krijgen voorrang.